Wim Dankbaar ondergraaft zichzelf in alternatief scenario zaak Vaatstra

Hieronder behandel ik enkele argumenten en informatiebronnen waarvan Wim Dankbaar op internet heeft geschreven of gepubliceerd dat die het officiële verhaal omtrent het levenseinde van Marianne Vaatstra zouden weerspreken. (Sommige teksten op de rechtsikrom site zijn blijkbaar niet door hem geschreven, maar ze kunnen verondersteld worden wel door hem te worden onderschreven.) Dankbaar denkt dat niet J.S. maar een groep Marianne heeft omgebracht. Nu wordt zijn stelling zeker niet algemeen aanvaard, maar waar het mij in benedenstaande om gaat is dat hij denkt dat zijn eigen informatie zijn visie ondersteunt. Dat dit juist niet zo is, is volgens mij nog niet, of niet diepgaand genoeg, betoogd. Ik neem aan dat het officiële scenario bij de lezer bekend is, en verwijs voor Dankbaars scenario naar de genummerde links bij de volgende paragrafen. Direct betrokken personen, behalve Marianne zelf, worden met initialen aangegeven; het gaat mij hier vooral om de scenario’s en niet om de individuen.

Cruciale elementen uit het “dagboek”

(1) http://rechtiskrom.wordpress.com/2012/12/19/het-dagboek-van-maaike/, gelezen 11/11/2013

(2) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/11/03/om-slaaf-chris-klomp-speelt-de-sekte-kaart/, gelezen 11/11/2013

Ik begin met het zgn. “dagboek” omdat daar recentelijk veel over te doen is geweest. Dankbaar vindt dat het “de schellen van je ogen doet vallen”. Voor zover het op internet te lezen is, bevat het juist sterke aanwijzingen ten gunste van het officiële scenario en ten ongunste van Dankbaars scenario. Zo lijkt het feit dat er bij de Keningswei op 1 mei een fiets werd aangetroffen beter te passen bij het “gestolen fiets” verhaal dan bij een groep die de beschikking over een auto heeft. Zo’n groep kan moeilijk verondersteld worden een fiets langs de weg te plaatsen bijna als signaal om het lichaam te kunnen vinden dat ze beweerdelijk in het nabij gelegen weiland zouden hebben geplaatst na het vervoerd te hebben. Toch ontkent het “dagboek” het feit van die aangetroffen fiets helemaal niet (het twijfelt alleen of Marianne erop heeft gezeten en over vingerafdrukken). Het dagboek ontkent ook niet dat een telefoontje in de ochtend van 1 mei 1999 al informatie over de fiets bevatte. Het doet ook geen poging te bewijzen dat S. en W. die fiets niet gestolen hebben, wat wel nodig is om het officiële scenario te ontkrachten.

Cruciaal in Dankbaars scenario is dat Marianne ontvoerd zou zijn met een auto vanuit Kollum-centrum. Er is niets hierover in het “dagboek”, een aanwijzing dat het verhaal geen wijde roulatie had in Kollum en omstreken tot op 5 juni 2001 (twee jaar na de moord), wat uiterst merkwaardig is omdat het een alternatief biedt voor het verhaal van de fietstocht waarvan het “dagboek” suggereert dat het twijfelachtig is.

De “niet-westerse” moord

(3) http://rechtiskrom.wordpress.com/2012/07/01/peter-waarom-lieg-je/, gelezen 11/11/2013

(4) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/09/09/tijdlijn-rond-de-moord-op-marianne-vaatstra/, gelezen 11/11/2013

(5) http://rechtiskrom.wordpress.com/2011/01/27/het-vaatstra-rapport-van-henk-mous/, gelezen 11/11/2013

(6) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/10/22/nieuwe-rechtszaak-moord-marianne-vaatstra-28-oktober-2013/, gelezen 11/11/2013

De methode van moorden zou “niet westers” zijn geweest (“dagboek”). Wel betrekt rechtiskrom Duitsers in het alternatieve scenario (L.D. en W.H.). Maar Duitsers worden doorgaans toch als westerse personen gezien, waardoor het scenario in een contradictie blijft steken.

Getuigen V.B. en G.H.

(7) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/09/03/open-brief-aan-vaatstra-expert-peter-r-de-vries/, gelezen 11/11/2013

(8) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/09/09/tijdlijn-rond-de-moord-op-marianne-vaatstra/, gelezen 11/11/2013

(9) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/10/08/de-vervolging-van-wim-dankbaar-deel-7/, gelezen 12/11/21013

Rechtiskrom voert twee interessante getuigen op: V.B. en G.H. Van V.B geeft rechtiskrom informatie dat hij om 00:30 Kollum verliet en om 00:45 thuiskwam in Buitenpost. Maar in een uitzending van Peter R. de Vries waar Dankbaar naar verwijst zegt hij dat hij “tussen half een en een uur” is weggegaan (luister omstreeks 2’42” in nummer 7). Er zit dus wel wat flexibiliteit in V.B.’s chronologie, een flexibiliteit die Dankbaar juist het officiële scenario verwijt. V.B.’s getuigenis bevat een detail dat juist wel ondersteuning voor het officiële scenario: hoewel hij Marianne niet gezien heeft en S. en een andere persoon wel, zegt hij dat dezen “stonden te rommelen” met een fiets in de buurt van tennisvelden vlak buiten Kollum. Dat “rommelen” klopt goed met het relaas van het requisitoir dat er problemen met een fiets waren. Voor zover de twee personen S. en W. waren, kan V.B. Marianne gemist hebben omdat Marianne ergens een eindje verderop de afloop van de bewerking (mogelijk gewoon band oppompen) van de fiets afwachtte. S. zegt dat V.B. wellicht gewoon andere personen heeft gezien. V.B. identificeert alleen S., maar in onderstaande zal ik ervan uitgaan dat rechtiskrom de “andere persoon” als identiek met W. beschouwt. Ten behoeve van de argumentatie zal ik hier inderdaad aannemen dat Dankbaar scenario veronderstelt dat Marianne er niet bij was. V.B.’s verklaring is dan niet eens zozeer interessant op zichzelf, maar omdat het moeilijk te rijmen is met G.H.’s verklaring (zie verderop over chronologische kwesties).

G.H. verklaarde het volgende tegenover een bekende interviewer (video in nummer 9, vanaf 1’10”; onduidelijke of onhoorbare stukken worden tussen haakjes met een vraagteken aangegeven, eventueel met puntjes):

G.H. “Toen was het ’s nachts half een, ik kon niet slapen, ik stond bij het raam, en toen eh stond Marianne hier met dat vriendinnetje van veertien.”

Interviewer: “Je hebt haar gezien?”

G.H.: “Ja.”

Interviewer: “En je weet zeker dat het Marianne was?”

G.H.: “Ja, dat was Marianne.”

Interviewer: “Om half een ’s nachts?”

G.H.: “Ja.”

Interviewer: “Stond (ze?) voor jouw deur?”

G.H.: “Ja.”

Interviewer: “Bij dat hekje?”

G.H.: “(En?) die zouden die fietsen (weer?) ophalen met dat meisje die erbij was van veertien (…?) Marianne van ‘Godverdomme,’ zei ze, ‘alle fjouwer ventielen missen op de fiets(en?),’ met een lachje, ‘hahahaha’, (dat heb ik voorgedaan?) (…?) Toen lag ik weer op bed. (Ja, ik wist…?) Op dat moment wist ik niet wie het waren, dus ik eh ik lag weer op bed. En ’t duurde half minuutje, minuutje, en toen hoorde ik eh een gil, want toen ik voor het raam stond toen scheurde hier een Mercedes, ach een Mercedes, een donkere stationcar, die trok op en die r… scheurde hier langs en die vent die zat gebukt naar Marianne en die is … die is een blokje omgereden en toen is ze de … nou ja d… (ja daar?) is ze gewoon gepakt, ik heb de gil gehoord, ik heb de auto weer horen rijden.”

Interviewer: “Deur dichtslaan, hoorde je ook?”

G.H.: “Ja. En toen zijn ze … raasden ze hier langs. Nou dat was dat. Toen was het half twee, ik lag (weer?) op bed, een enorm lawaai (dat?) ‘Godverdomme, zinloos geweld’. (Ik denk?), wat is dit? Ik van ’t achterraam, stond een vrouw in de veertig met zo, te wachten, met een groene tweedeursauto, die stond wat zo, te wiebelen. Ik denk, God Jezus, (wat?) gebeurt hier? Twee jongens, achteraf W. en S., eh S. schopte zijn fiets over het Raboplein, vloeken, W. liep er naast, S. heeft zijn fiets nog op een hekje helemaal geslagen, zo helemaal kapot.”

Interviewer: “Heb je dat ook gezien?”

G.H.: “Ja, ja, ja, ja.”

Interviewer: “Ook vanuit je k… vanuit je raam?”

G.H.: “Ja, achterraam, achterraam.”

Interviewer: “Ja.”

G.H. “Toen bleven die fietsen daar liggen, en W. stapte achterin (een/de?) auto. S. z’n moeder die (loopt?) de stoel naar voren, en ze (ben?) met z’n drieën half twee (…?) (weg?).”

Interviewer: “En waarom waren ze boos volgens jou ? Wat is daar denk je de reden van?”

G.H.: “Nou omdat Marianne weg was.”

Interviewer: “Omdat Marianne weg was. Ja dat lijkt me wel duidelijk.”

(Vergelijk ook G.H.’s informatie in nummer 8.) Met de “ze” die “gepakt” is wordt waarschijnlijk Marianne bedoeld (anders heeft het getuigenis geen zin). Maar G.H. heeft niet gezien dat de auto die Marianne zogezegd “pakte” identiek is aan de auto die G.H. zag toen Marianne de opmerking over de ventielen zou hebben gemaakt. Dat de geziene en de gehoorde auto’s identiek zijn is alleen maar een aanname. Wie er “gepakt” zou zijn heeft G.H. eveneens niet gezien. Marianne en de vriendin kunnen net zo goed zijn weggelopen en iemand anders kan zijn langsgekomen in dezelfde tussentijd. De auditieve informatie biedt geen enkele aanwijzing over wie er “gepakt” zou zijn, en of de “gil” eigenlijk wel een ontvoering betreft .

De door G.H. gemelde komst van S. en W. naar de plek een uur later dan de zogezegde ontvoering is ook lastig interpreteerbaar. Ontdekten ze exact bij de fietsen dat Marianne weg was of hadden ze dat al ergens anders vernomen en zijn ze toen naar de fietsen gelopen om vervolgens een daarvan over het Rabopleintje te kletteren? De suggestie van G.H. dat de boosheid voortkomt uit het weg zijn van Marianne is een hypothese die, zoals uit het interviewfragment zelf blijkt, niet gebaseerd is op directe waarneming (net als het “gepakt” worden).

Chronologische kwesties

(10) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/09/09/tijdlijn-rond-de-moord-op-marianne-vaatstra/, gelezen 11/11/2013

We hebben boven al gezien dat rechtiskrom uitgaat van een tijdstip 00:30 dat S. en W. gezien zouden zijn aan de rand of net buiten Kollum om in de buurt van de tennisvelden aan een fiets te rommelen. Dat is net het tijdstip waarop volgens G.H. Marianne wordt ontvoerd. Dus wat deden S. en iemand anders (voor het argument zullen we aannemen W.) op dat tijdstip helemaal bij de tennisvelden met een fiets als hun eigen fietsen nog in Kollum Centrum stonden? Ze kunnen dan alleen met een fiets hebben “gerommeld” als dat de fiets van iemand anders was. (De theorie dat S. een tweede fiets had die dan bij de tennisvelden stond is volgens mij nooit geopperd en kan terzijde worden geschoven.) Dus dat “rommelen” kan moeilijk anders worden uitgelegd in Dankbaars scenario dan dat dat was om zo’n fiets te stelen of er onderdelen vanaf te halen (op http://www.boublog.nl/2013/04/07/de-onmogelijke-bekentenis-van-jasper-s-deel-5/, gelezen 13/11/2013 schrijft Dankbaar dat ze naar ventielen zochten). Maar waarom zouden S. en W. dat doen? Omdat hun eigen fietsen onbruikbaar waren. Maar dat moeten ze dan al een tijdje voor half een geconstateerd hebben. Maar als ze het voor half een al geconstateerd hadden is het onwaarschijnlijk dat Marianne daar niet van op de hoogte was omdat S. en Marianne de terugreis naar huis moesten coördineren. S. en W. zullen niet zomaar naar de tennisvelden zijn gegaan zonder Marianne op de hoogte stellen van de reden daarvan en een indicatie van tijdstip van terugkomst te geven. Het zal immers een tijdje duren om naar de tennisvelden te lopen en een geschikte fiets (of onderdelen) om te stelen te zoeken. Ze zouden dus wel even bezig zijn en het is onwaarschijnlijk dat ze dat van tevoren (in zo’n situatie) niet geanticipeerd zouden hebben. Mariannes verrassing omtrent de ventielen is niet te verwachten als ze de informatie al van S. en W. heeft.

Omgekeerd wordt het gedrag van S. en W. ook steeds lastiger te begrijpen. Ze hebben Marianne achtergelaten om bij de tennisvelden fietsen of ventielen te stelen. Dat laatste is niet gelukt, want G.H. meldt alleen twee “lekke” fietsen, en S. en W. moeten nu met de auto worden vervoerd (tenzij S. en W. wel ventielen hadden weten te bemachtigen maar er niet meer toe kwamen ze te gebruiken; we hebben echter geen rapport van iemand die ventielen miste in de buurt van de tennisvelden). Maar ze moeten toch ergens met Marianne hebben afgesproken om met de te stelen fietsen of ventielen de terugreis naar huis aan te kunnen vangen. Omdat ze niet konden weten hoe lang dat precies zou gaan duren bij de tennisvelden kunnen ze geen exacte tijd met Marianne hebben afgesproken. Het meest acceptabele in zo’n scenario is dat de afspraak niet zou zijn geweest om Marianne bij de lekke fietsen (beter wellicht: fietsen zonder ventielen) te laten wachten maar dat ze nog even zou hebben doorgefeest, bijvoorbeeld in Paradiso. Daar zouden S. en W. haar dan eerst hebben gezocht en geconstateerd hebben dat ze er niet was. Zelfs als ze eerst naar de lekke fietsen zouden zijn gegaan lijkt het toch aannemelijk dat ze ook dan nog weer in uitgaansgelegenheden kijken of Marianne misschien daar is. Maar de tijdlijn in nummer 8 meldt zo’n terugkomst van S. en W. niet. Daar constateren ze alleen dat Marianne weg is om vervolgens met een auto (die daar blijkbaar al stond!) naar huis te gaan. En die auto is ook vreemd want waarom regelden S. en W. niet meteen de auto toen ze constateerden dat hun fietsen onbruikbaar waren? (Het bijkomende voordeel daarvan zou zijn dat Marianne dan ook makkelijk thuis afgezet had kunnen worden.) Waarom eerst de excursie helemaal naar de tennisvelden?

Een ander probleem is nog de tijd tussen middernacht en half een. Als volgens de tijdlijn Marianne (en blijkbaar in het scenario ook S.) omstreeks middernacht ’t Filtsje hebben verlaten zit er een gat van een half uur tot aan Mariannes constateren van de onbruikbaarheid van de fietsen. Als S. en W. om half een in de buurt van de tennisvelden waren hebben ze tijd moeten besteden om daar te komen, ik schat toch minstens 15 minuten lopen. Dat levert niet zo heel veel tijd op tussen het verlaten van ’t Filtsje en het constateren door S. en/of W. en/of Marianne van de onbruikbaarheid van de fietsen, wat dan voor 00:15 heeft moeten plaatsvinden. Uit G.H.’s verklaring zou moeten blijken dat Marianne bij die constatering niet aanwezig is geweest. Maar ze moet er wel van vernomen hebben en dan is het weer vreemd waarom zij pas (minstens) een kwartier later van dat feit zo hilarisch raakte terwijl S. en W. al vertrokken waren naar de tennisvelden.

Dat S. en W. om half twee al wisten dat Marianne “weg was” is onwaarschijnlijk, ten eerste omdat zoals gezegd ze dan wel eerst rond zouden hebben gekeken in de uitgaansgelegenheden, ten tweede omdat S. pas de volgende ochtend naar haar gaat zoeken, wat niet door Dankbaar ontkend wordt. S. is die ochtend ook niet bedreigd geweest door de alternatieve groep, want als hij bedreigd zou zijn geweest, zou hij juist niet “richting A.Z.C.” zijn gaan zoeken, wat hij volgens Dankbaars informatie deed, maar meteen richting de Keningswei zijn gegaan. Dat maakt S.’s zoektocht een authentieke reactie op informatie over Mariannes verdwijning, informatie die hij pas in de ochtend krijgt, niet om ongeveer half twee ’s nachts. Dat S. zocht waar hij zocht is niet verwonderlijk want volgens het officiële scenario is dat immers in de buurt waar hij Marianne voor het laatst had gezien. S.’s zoekgedrag kan makkelijk verklaard worden door aan te nemen dat hij zoekt bij de plek van afscheid nemen om vervolgens eventueel zijn zoekradius te vergroten. Het bevestigt heel goed het officiële scenario.

Blijft de vraag waarom de fietsen van S. en W. überhaupt belangrijk zijn. Dat, welnu, hangt samen met het feit dat het enige ter sprake gebrachte alternatieve vervoermiddel, een taxi, tijdens het avondje uit blijkbaar nooit gebeld is. Ook Dankbaar lijkt ervan uit te gaan, dat er nooit een taxi gebeld is en er ook om kwart over twaalf geen plan bestond om dat wel te doen. Marianne moest dus wel met S. op een fiets (al dan niet gestolen) vanuit Kollum vertrekken.

Samengevat levert de combinatie van V.B.’s getuigenis en dat van G.H. nogal wat problemen op. Het scenario van rechtiskrom moet dan een verklaring bieden waarom S. en W. de heen-en-weer gaande vruchteloze beweging naar en van de nogal afgelegen tennisvelden maakten (maar doet dat niet). De enige reden zou zijn om een of twee fietsen dan wel een aantal ventielen te stelen, maar als we dat moeten accepteren moeten we weer andere gevolgtrekkingen maken die niet erg waarschijnlijk zijn.

De achtervolging van J.S. op de fiets

(11) http://rechtiskrom.wordpress.com/2013/09/28/de-onmogelijke-inhaalrace-van-jasper/, gelezen 11/11/2013

Dankbaar schrijft dat J.S. “onmogelijk” Marianne kan hebben achterna gefietst zoals in het officiële scenario, omdat J.S. al veel sneller Marianne zou hebben ingehaald in een afstand kleiner dan de ongeveer 1,2 kilometer die Marianne in de officiële versie moet hebben afgelegd vanaf het punt waar ze S. en W. verliet. Ik vond dit punt intrigerend en heb zelf geprobeerd een algebraïsche interpretatie te ontwikkelen die ik hier weergeef.

Dankbaar merkt terecht op dat in het officiële scenario J.S. sowieso ongeveer 50 meter vanzelf inloopt op Marianne door via het tunneltje te fietsen terwijl Marianne over de rotonde fietst. Maar anderzijds zal J.S. niet volledig tot S. en W. zijn doorgefietst, wat weer van de 1,2 kilometer afgaat. Ik blijf nu uitgaan van een ijkafstand van (ongeveer) 1,2 kilometer.

Stel nu dat p = Mariannes snelheid, q = J.S.’s snelheid, en b de voorsprong die Marianne in het begin voor heeft op J.S. Stel J.S. aan het begin op nul km en neem constante snelheden aan (km/u; q > p), dan hebben we voor Marianne en J.S. respectievelijk de wegafstanden y (in km) na de verstreken tijd t (in u):

(i)     y = pt + b,        (Marianne)

(ii)    y = qt.              (J.S.)

Hieruit volgt voor het moment van inhalen van Marianne door J.S. (y’s gelijkstellen):

qt = pt + b equivalent aan b = (q – p)t,

t = b / (q – p),

y = bq / (q – p).

Dit levert de volgende tabellen voor respectievelijk 100, 150 en 200 meter oorspronkelijke voorsprong van Marianne op J.S. met geselecteerde fietssnelheden van 20 of meer km/u voor Marianne:

b = 0,100 km q = 22 q = 23 q = 25 q = 27
p = 20 y = 1,100 y = 0,767 y = 0,500 y = 0,386
p = 21 y = 2,200 y = 1,150 y = 0,625 y = 0,450
p = 25 x x x y = 1,350
b = 0,150 km q = 22 q = 23 q = 25 q = 27
p = 20 y = 1,650 y = 1,150 y = 0,750 y = 0,579
p = 21 y = 3,300 y = 1,725 y = 0,938 y = 0.675
p = 25 x x x y = 2,025
b = 0,200 km q = 22 q = 23 q = 25 q = 27
p = 20 2,200 y = 1,533 y = 1,000 y = 0,771
p = 25 x x x y = 2,700

Te zien is dat 1,2 km goed binnen de mogelijkheden ligt (t.o.v. een paar honderd meter) als J.S.’s snelheid niet zoveel verschilt van die van Marianne of naarmate de beginvoorsprong of Mariannes snelheid toeneemt. De benodigde tijd is ook niet irreëel: de 1150 meter die J.S. aflegt om Marianne in te halen bij het voorbeeld b = 0,100 km, p = 21 km/u en q = 23 km/u is t = 0,05 u oftewel drie minuten.

Maar tot nu toe heb ik aangenomen dat de fietssnelheden constant waren. Zeker voor J.S. hoeft dat niet te hebben gegolden. Het eerste stuk van de achtervolging heeft hij misschien wel een stuk afstand ingekort, maar dan is Marianne inmiddels dichter bij de rotonde aangekomen. Voor J.S. is dat ongunstig om de aanzet tot het zedenmisdrijf te maken vanwege de verhoogde kans op voorbijgangers. Hij zal dus op dat moment juist enige afstand hebben bewaard. Na de rotonde heeft hij meer mogelijkheden voor het misdrijf dan ervoor. Na de rotonde is hij ook verder van S. en W. verwijderd, die op het moment dat hij Marianne voor het eerst ziet nog niet zo ver weg zijn.  Pas als Marianne de rotonde weer verlaten heeft en zich daarvan af beweegt richting een omgeving met veel weilanden en weinig bebouwing pal naast de weg, zal J.S. een eindspurt hebben ingezet. We kunnen bijvoorbeeld op dat moment nemen b = 75 m, p = 21 km/u en q = 27 km/u (constant), waaruit de afstand van inhalen vanaf het tunneltje volgt: y = 0,338 km, wat ongeveer de afstand is van het tunneltje tot net iets voorbij de bomenrij van het weiland waar Marianne is gevonden.

Het effect van een variabele snelheid kan nog worden benaderd met een ander simpel algebraïsch model waarin J.S. zijn snelheid geleidelijk opvoert. We kunnen Mariannes snelheid constant houden en hebben weer de vergelijking (i) van hierboven:

(i)     y = pt + b.

Voor J.S. kunnen we definiëren dat hij eerst een snelheid identiek aan die van Marianne heeft en die met een constante versnelling opvoert. We hebben dus:

q = p + vt,

Met de beginafstand van J.S. weer nul, levert dit (integraalrekening):

(iii)   y = 0.5vt² + pt,

Waarbij v J.S.’s versnelling is (in km/u²).

Het moment van inhalen wordt weer bepaald door de y’s gelijk te stellen. We verkrijgen:

pt + b = 0.5vt² + pt equivalent aan vt² = 2b,

t = wortel(2b/v).

Met een versnelling van 51 km/u² (iets minder dan een km/u snelheidstoename in een minuut), een beginvoorsprong b = 80 meter en p = 20 km/u krijgen we:

t = 0,056 u (ongeveer drie minuten en 22 seconden)

y = 1,2 km,

en J.S.’s eindsnelheid iets minder dan 23 km/u. De exacte snelheden in de fatale nacht zijn uiteraard niet bekend, maar Dankbaar zegt dat het officiële scenario onmogelijk is, en dat is duidelijk onjuist. Onmogelijk zou het pas zijn als zou blijken dat J.S. bijvoorbeeld 100 km/u had moeten fietsen, of dat hij alleen met constante achterstand op Marianne kon fietsen.

Het officiële scenario heeft bovendien nog een zeer groot voordeel, namelijk dat het de vindplek van Marianne heel goed verklaart. Na het verlaten van de rotonde in westelijke richting is dit een van de eerste weilanden die ver genoeg daarvandaan liggen om het zedenmisdrijf te kunnen plegen, maar ook dichtbij genoeg om met een eindspurt vanaf het tunneltje Marianne binnen een paar honderd meter in kunnen te halen. Het alternatieve scenario van Dankbaar lijkt geen goede verklaring te bieden waarom een groep misdadigers precies daar een dood lichaam zou plaatsen. Je zou eerder verwachten dat een plek wordt uitgekozen waar de kans op ontdekking kleiner is, zeker als zo’n groep de beschikking over een auto heeft plus meer handen om gezamenlijk het lichaam ergens weg te bergen.

Conclusie

Dankbaars alternatieve scenario roept meer vragen op dan het beantwoordt, en is bovendien niet in staat het officiële scenario onderuit te halen, dat verder juist wel goed feiten verklaart die Dankbaar problematisch vindt. De fiets die ’s ochtends op 1 mei bij het weiland gevonden wordt, de vindplek van Marianne en de zoekactie van S. passen goed in het officiële scenario en slecht in dat van Dankbaar. De twee getuigen die Dankbaar zo belangrijk vindt, V.B. en G.H., vertellen dingen die samen technisch gezien misschien nog net mogelijk zijn, maar niettemin uiterst onwaarschijnlijk voorkomen en niet te rijmen zijn met het gedrag van S. dat hij volgens Dankbaars informatie heeft vertoond. Over de cruciale gebeurtenis, de zogenaamde ontvoering met een auto, krijgen we nou net geen concrete bruikbare informatie van G.H. Voor zover er nog mensen zijn die per se in Dankbaars scenario willen geloven, lijkt het me voor hen beter dat ze zo min mogelijk van Dankbaar lezen, want de aangedragen argumenten zijn niet bepaald sterk te noemen.

A. van Dokkum

Advertenties

12 thoughts on “Wim Dankbaar ondergraaft zichzelf in alternatief scenario zaak Vaatstra

  1. Sterk betoog! Ik verwacht niet dat Dankbaar een inhoudelijke reactie aandurft. Misschien is het goed als op zijn site even een link geplaatst wordt naar dit verhaal. Ik kan dat niet doen omdat ik uiteraard subiet ben geband toen ik een paar kritische vragen stelde over zijn complottheorietjes

    • Het is daar gelezen, en men gaat nog van de ontvoering uit.
      Geke verhaal.

      Dan nog blijft het ‘vreemd’ dat de ‘ontvoerders’ er een fiets neerzetten ipv het lijk te verstoppen.
      Ik bedoel..
      Er moeten nogal aardig wat mensen zijn ‘omgekocht’ etc.
      Gezien het in mijn ogen onlogisch is, om al die mensen ‘om te kopen’ Vraag ik me dan af waarom ze haar lijk niet hebben laten verdwijnen..
      En waarom de ontvoerders/moordenaars er een fiets neerzetten.
      Vrij onlogisch..

      Waarom zou je er een fiets neerzetten?
      En wanneer zouden ze dat dan doen?
      van te voren?
      Hebben ze er altijd 1 bij zich, om de vindplek te markeren?
      Of zijn ze later teruggekomen met de fiets?
      Vragen , vragen.

      In mijn ogen is dat verhaal van Geke erg vreemd, ook gezien ze het wist te herinneren na enkele maanden (panoramapublicatie)
      Zeker wanneer er een kroegbezoek vooraf is gegaan.

      Dat de fietsen niet bij cafe/cafetaria of Paradiso stonden, maar bij Geke voor het huis..

      Geke poetste dus bij iemand die zwaar criminele contacten had..
      Zegt Geke zelf..
      Ook moordenaars kwamen daar hun verhaal doen, toen Geke er poetste..schijnbaar..
      Het lijkt me ook niet handig om een roddeltante te laten poetsen, bij zulke gevaarlijke criminelen.
      Ik denk ook niet dat poetsdames graag het risico lopen, om te poetsen daar voor dat beetje loon.
      En ook al jaren.
      Het risico dat ze naar de politie ging..al die tijd, voor de moord.

      Mocht haar verhaal kloppen, dan had ze al veel eerder naar de politie moeten stappen.
      Was wellicht deze moord ook niet gebeurd..

  2. Vind dit een nietszeggend betoog met extreme nadruk op wat interessant doenerij met mavo4 natuurkunde om een fietsafstand te bepalend. Dat zal dan vast een slim iemand zijn die het wel snapt?

  3. Er stond een fiets bij de Keningswei !!! WOUW !!! Ja, dat is het overtuigende bewijs. Een fiets, daarvan zijn er maar 2 in Nederland. De andere stond bij Veenklooster thuis. Wat een kul argumenten gebruik je. Dat is nu wat men noemt spijkers op laag water zoeken. Waarom ga je geheel voorbij aan het feit dat Jasper het niet gedaan KAN hebben omdat er ‘op de plaats van het misdrijf” geen bloed of ander spoor is aangetroffen. Maar wel DNA na een lange tijd.

  4. Dit is dus allemaal onzin wat jij zegt. Reacties worden niet gepost, dat zegt mij al genoeg. Stuur mij op zn minst een reactie via de mail. Jij komt dus uit het kamp van Wolfgang Hebben. Misschien ben je het zelf wel. Alhoewel, hij kan niet goed Nederlands schrijven.
    Let op mijn woorden. De waarheid komt ooit boven.

  5. Te laf om mijn reactie te plaatsen? Deze 9.20 AM. Wel geplaatst een van 11.14AM. Duidelijk dus uit welke hoek het komt

  6. Hartelijk dank voor de reacties. Van kritische reacties had ik gehoopt meer informatie te krijgen over bijvoorbeeld de tocht naar en van (de buurt van) de tennisvelden van S. tussen kwart over twaalf en half twee. Het mocht niet zo zijn; maar goed het is niet anders. Er is op dit moment sprake van twee scenario’s, het officiële en het alternatieve van rechtiskrom. Als het alternatieve scenario geen bevredigende antwoorden biedt op de kwestie van die tocht en andere zaken, dan geloof ik dat scenario gewoon niet. Waarom zou ik? Als het officiële scenario ook niet waar zou zijn, dan zijn beide scenario’s die we nu kennen fout en zit er niks anders op dan dat we met z’n allen een derde scenario bedenken. Ik heb niet de indruk dat veel mensen daar nu op zitten te wachten. Alle correcte scenario’s moeten sowieso rekening houden met het feit dat S. de waarheid sprak over de gestolen fiets van Marianne. Hij vertelt die informatie al voordat de fiets gevonden is. Het is paradoxaal te moeten accepteren dat S., al liegende, de correcte informatie geeft dat er een fiets met Marianne moet worden geassocieerd waarmee ze de vorige avond niet van huis naar Kollum is gekomen. Mariannes lichaam werd nota bene relatief snel gevonden OMDAT de fiets in de greppel makkelijk geassocieerd kon worden met Marianne op grond van de informatie van S. Zo zag de groep die zocht het die ochtend van 1 mei ook. Dus had S. gelijk over die fiets. Hij kan niet EN liegen EN van tevoren correcte informatie over een echte fiets mededelen. Het interessante is: de zoekgebeurtenissen van die ochtend staan beschreven in het “dagboek” dat op internet is geplaatst. Het was toch de bedoeling dat we dat gingen lezen? Nou dan!

    Dat was het. De reactiemogelijkheid wordt nu uitgeschakeld.

    Groeten.

    A. van Dokkum

Reacties zijn gesloten.